Bij samenwerking van meerdere aandeelhouders binnen een besloten vennootschap is een aandeelhoudersovereenkomst uiterst wenselijk. Een goede fiscalist of notaris zal u hier ongetwijfeld op wijzen. Bij de akte van oprichting is veelal een summiere regeling opgenomen over de verhouding tussen aandeelhouders.
De aandeelhoudersovereenkomst (AHO) is puur maatwerk van aanvullende afstemming van de onderlinge samenwerkingsafspraken. Veelal is een standaard AHO het vertrekpunt, waarbij vrijwel altijd een aanbiedingsplicht van aandelen is opgenomen bij overlijden of arbeidongeschiktheid van een aandeelhouder of bestuurder van persoonlijke houdster.
In geval van langdurige arbeidsongeschiktheid zien wij vaak de volgende punten geformaliseerd binnen de AHO;
- Doorbetaling DGA salaris of managementfee bij ziekte is veelal beperkt tot 3, 6 of 12 maanden
- Ten aanzien van langdurige arbeidsongeschiktheid is vaak een aanbiedingsplicht opgenomen na 12 of 24 maanden arbeidsongeschiktheid
- Een verzekeringsplicht arbeidsongeschiktheidsverzekering ten behoeve van de natuurlijk persoon
Bovenstaande punten zijn net als andere bepalingen veelal voortgekomen uit voortschrijdend inzicht maar missen regelmatig de broodnodige aansluiting met de verzekeringspraktijk. Een goed samenspel tussen notaris, fiscalist en verzekeringsadviseur kan veel leed besparen. Gek genoeg speelt de verzekeringsadviseur in dit rijtje vaak een slotakkoord. Het gemis en de eventuele gevolgen zal zichtbaar worden gemaakt aan de hand van de eerder genoemde verzekeringsaspecten binnen de AHO.
De periode dat het DGA salaris of de managementfee in geval van ziekte dient te worden doorbetaald door de werkmaatschappij bepaalt in grote mate de eigen risicotermijn van de arbeidsongeschiktheidsverzekering. De eigen risicotermijn is binnen de Wft (Wet financieel toezicht) echter een parameter die dient te worden onderbouwd inclusief de financixeble positie en risicobereidheid. Als afstemming al heeft plaatsgevonden door formalisering van de AHO blijkt vervolgens dat onderlinge afstemming ontbreekt of dat de gekozen eigen risicotermijn niet draagbaar is voor de werkmaatschappij.
Het tweede punt dat vrijwel altijd onjuist of incompleet staat beschreven in de AHO heeft betrekking op de aanbiedingsplicht bij langdurige arbeidsongeschiktheid van aandeelhouder(s). De standaard bepaling is doorgaans; Indien de ondergetekende gedurende een aaneengesloten periode van langer dan 12 maanden of binnen een periode van 24 maanden samen 12 maanden of meer wegens arbeidsongeschiktheid voor 50% of meer niet in staat is geweest zijn functie als directeur te vervullen c.q. het managementcontract uit te voeren, worden de door de persoonlijke houdster van hem gehouden aandelen in de werkmaatschappij geacht te zijn aangeboden aan de andere persoonlijke houdster tegen X waarde in het economische verkeer.
Een dergelijke aanbiedingsplicht staat namelijk haaks op de belangen van de arbeidsongeschiktheidsverzekeraar die re-integratie binnen het eigen beroep (lees tevens bedrijf) moet kunnen realiseren wil de arbeidsongeschiktheidsuitkering ten einde komen. Er is vaak dekking volgens de eigen beroepswerkzaamheden afgegeven door de AO verzekeraar deze ook de bepaling opgenomen in de voorwaarden dat verkoop van de onderneming of staking van de onderneming gedurende arbeidsongeschiktheid nimmer mag plaats vinden zonder instemming van verzekeraar op straffe van verlies uitkering of aanpassing van het beoordelingscriterium ten nadele van verzekerde.
De continuxefteit van de vennootschap heeft hier dus een tegenstrijdig belang met het persoonlijk belang van xe9xe9n van haar aandeelhouders. Dit probleem kan bijvoorbeeld worden ondervangen door in de aanbiedingsplicht toe te voegen dat zulks uitsluitend van toepassing is indien goedkeuring en instemming van arbeidsongeschiktheidsverzekeraar schriftelijk is bevestigd.
Het derde punt dat we vaak tegenkomen in de AHO is de plicht een afdoende arbeidsongeschiktheidsverzekering te realiseren. Ook hier signaleren we wederom tegenstrijdigheden met de verzekeringspraktijk aangezien er behoudens de mogelijkheden van vrijwillige voortzetting of beperkte vangnetverzekering geen acceptatieplicht is bij de AO verzekeraars. De natuurlijke persoon wil wel verzekeren, maar ziet zicht geconfronteerd met een afwijzing, een uitsluiting of een aangepast acceptatievoorstel die niet aansluit op de bepalingen in de AHO. Een tijdige inschakeling van uw assurantie adviseur voorkomt correcties achteraf waarmee besparing van tijd en kosten wordt gerealiseerd.
Mocht u dit stuk lezen als DGA en herkent u de situatie binnen de voor u van toepassing zijnde aandeelhoudersovereenkomst? Aarzel dan niet en neem contact op met uw accountant of fiscalist om te bepalen op welke wijze aanpassing mogelijk is. Veelal kan dit zonder kosten via een algemene vergadering van aandeelhouders worden geregeld.